Nieuws > Industriedag belicht actualiteiten rond Stapelbouw

14 april 2008

Zo’n 60 bezoekers van de tweejaarlijkse Industriedag van de Stichting Stapelbouw luisterden vrijdagmiddag 11 april in de Technische Universiteit Eindhoven geboeid naar een vijftal inleidingen van deskundigen over actuele Stapelbouw-thema’s. De activiteiten van de Technische Commissie, onderzoek uit verleden, heden en toekomst, de ontwikkelingen rond de implementatie van Eurocodes en in het bijzonder de Eurocode 6 (metselwerkconstructies), alsmede de vele aspecten van duurzaamheid kwamen aan de orde. "Een prima tour d’ horizon", concludeerde de organisatie aan het slot van de dag.

IndustriedagDe voorzitter van de stichting, mr. E.L.J. van Hal, memoreerde in zijn welkomstwoord de toegevoegde waarde van de Stichting Stapelbouw: de techniek van stapelen verbeteren, daar waar het de individuele bedrijfsbelangen overstijgt. De instrumenten van de Stichting zijn o.m.: financiering en aansturing van onderzoek, bevorderen van kennisoverdracht via bijeenkomsten, rapportages, cursussen, een website en publicaties. Essentieel noemde hij een aanpak vanuit neutraliteit en onpartijdigheid. Van Hal schetste een aantal maatschappelijke ontwikkelingen die de Stichting Stapelbouw zich doet buigen over de zaken van toekomst: Eurocodes en duurzaamheid. Maar bijv. ook: het meer centraal plaatsen van de gevel in de kennisverspreiding en bestaande kennis bij dragende organisaties meer voor het voetlicht brengen en utiliseren. Dit alles leidt tot een grote gezamenlijke kennis en een breed draagvlak.

Bespreekpunten Technische Commissie
Ir. S.N.M. Wijte, voorzitter van de Technische Commissie (TC) van de Stichting Stapelbouw en adviseur van Adviesbureau ir. J.G. Hageman BV, stelde dat de essentie van metselwerk is dat het tot stand komt met betrokkenheid van meerdere partijen. Hij zag deze samenwerking terugkomen in het werk van de TC. Een platform van waaruit onderzoek uitgevoerd kan worden dat breder gaat dan enkel het materiaal alleen, zo gaf hij aan. Als voorbeelden daarvan noemde hij onderzoek naar de hechting van mortel aan stenen en naar het samenvoegen van lateien en metselwerk. In de TC worden besproken: ingebrachte initiatieven voor onderzoek, het verlenen van opdrachten, het begeleiden van onderzoek en het evalueren van de resultaten.

Als bespreekpunten uit afgelopen periode noemde hij: de (on-) berekenbaarheid van wand-vloer-verbindingen; het ontbreken van aspecten van treksterkte in Eurocodes; het vraagstuk rond lateien boven openingen in gewapend metselwerk in tegelverband. Verder waren onderwerpen: de beoordeling van de kwaliteit van gelijmd gevelmetselwerk; oplegging van lateien en de verschillen in bezwijklast, alsmede de mogelijkheden om met metselwerk dragende wanden en overgangen van wanden naar kolommen te maken. De initiatieven leidden tot onderzoek, waarvan de resultaten gebruikt zijn voor kennisverspreiding. Belangrijk, noemde Wijte de beschikbaarheid van alle onderzoeksresultaten voor architecten, constructeurs en aannemers. Inmiddels wordt daarom een inventarisatie gedaan om de vele onderzoeken nader in kaart te brengen. Als mogelijkheden voor toekomstig niet-constructief onderzoek noemde hij: materiaalkunde, uitvoeringstechniek, duurzaam bouwen en thermische en akoestische info. Wijte tot slot: "Nieuwe ideeën en vragen zijn altijd welkom".

Verricht onderzoek
Dr.ir. A. Th. Vermeltfoort van de Vakgroep Steenconstructies TU Eindhoven schetste het omvangrijke onderzoek in verleden en heden en blikte onder het motto "Onderzoek heeft toekomst" vooruit naar de toekomst. Nederlands metselwerk staat op de kaart, zo was zijn statement. Vermeltfoort memoreerde hoe in 1990 een breed onderzoekstraject werd gestart, op basis van de toen gesignaleerde kennislagunes. De resultaten varieerden van 73 interne onderzoeksrapporten, 16 afstudeerprojecten en 3 proefschriften tot 83 publicaties in vakbladen. Hij memoreerde daarbij ook het intensieve CUR-onderzoek in de periode 1990 – 1997. Verder zette hij uiteen hoe wereldwijd wordt samengewerkt met kennisinstituten en universiteiten, in het bijzonder ook met de TU Delft en TU Stellenbosch (Z-A).

Innovatie kan niet zonder onderzoek, was een ander statement. Vermeltfoort belichtte het veelzijdige karakter van de onderzoeken: drukken, trekken, buiging en (af-) schuiving, maar bv. onderzoek naar vochtopzuiging. Hij gaf aan dat alleen al op het gebied van schuiving bijna 200 proeven zijn gedaan. Druklijnen visualiseren de krachtswerking, zo stelde Vermeltfoort, die hierbij o.m. inging op 20 complexe spannings-/ vervormingsproeven en wees op recent onderzoek rond modellering. Bij het thema Hoogwaardige mortel of helemaal geen mortel, duidde hij kort de ontwikkeling en het bestaan van verschillende inzichten. Onder de titel Belang prefab metselwerk neemt toe maakte Vermeltfoort visueel hoe heel wat mogelijk is, ook in vormen en uitsparingen. Het laatste belichtte thema was: De gevel: jas of harnas! In deze rubriek kwamen diverse manieren aan bod waarop gevelwerk kapot kan gaan.

Implementatie Eurocodes
De heer G.J.M. Majoor, consulent bouwnormalisatie van het Nederlands Normalisatie Instituut (NEN Bouw) gaf een uiteenzetting over de ontwikkeling en implementatie van de Eurocodes. "Een mega-project", noemde hij de ontwikkeling van uniforme constructievoor- schriften voor alle Europese lidstaten. "Elk detail wordt voor alle mogelijke constructies beschreven". Majoor: "De laatste loodjes in de ontwikkeling van de codes zijn nu aan de orde. We zitten in de overschakeling van TGB’s naar Eurocodes". Hij gaf aan dat constructeurs en ontwerpers vanaf begin dit jaar met de Eurocodes kunnen werken. Vanaf medio 2008 kunnen alle bouwvergunningen worden aangevraagd op basis van Eurocodes. Er blijven bijlagen voor nationale aanvullende normen. Nog bijna twee jaar kan met de TGB’s worden gewerkt. Uiterlijk 31 maart 2010 zijn de Eurocodes definitief van kracht en vervallen de TGB-normen.

De heer Majoor blikte terug op de totstandkoming van de codes. In 1975 kwam de Europese Commissie met een eerste voor-concept, in 1989 ging het EU-normalisatie instituut aan de slag en vanaf 1990/1991 startte de ontwikkeling (o.m. met proefconstructies) van de basis(voor-)normen. Daarna volgden stapsgewijs tien normgroepen, waaronder die voor metselwerkconstructies, de NEN-EN 1996. Vanaf 1997 zijn de voor-normen omgezet naar definitieve normen, waarbij de nationale TGB- regels geldig bleven. Over de invoering in Nederland: nog dit jaar komen 22 gedrukte delen beschikbaar voor gebouwen, inclusief nationale bijlage. Vanaf 2009 komen de gedrukte versies uit voor bijzondere constructies en ondersteunende delen. De wijziging van het Bouwbesluit wordt in oktober 2009 verwacht. De heer Majoor wees in zijn inleiding op de informatie-site: www.eurocodes.nl. NEN Bouw verzorgt algemene introductiecursussen over de Eurocodes op 8 oktober en 27 november 2008.

Eurocode 6: metselwerk
Eurocode 6, ook bekend als de EN 1996, werd meer specifiek belicht door dr.ir. R. van der Pluijm, productmanagement Clay Facing Brick and Pavers International, Wienenberger AG. "Eurocode 6; een TGB voor metselwerk", zo gaf hij aan en stelde dat het in de code draait om: sterkte, stabiliteit en weerstand (brandveiligheid). De code geeft normen voor ongewapend, gewapend en voorgespannen metselwerk, aldus Van der Pluijm, die betrokken was bij de totstandkoming van de normen. Hij waarschuwde dat de implementatie nog lang lijkt, maar voorbij is, voor je het weet. Als consequenties voor de industrie noemde hij: opleiden van eigen personeel; aanpassen rekenprogramma’s, aanpassen documentatie, initiëren van cursussen. “Doe er iets mee en wacht niet tot 2010!”, zo was zijn nadrukkelijke aanbeveling, ook richting de Stichting Stapelbouw.

Van der Pluijm zette uiteen hoe Eurocode 6 qua indeling uit vier delen bestaat: één voor algemene basisregels voor constructies van gewapend en ongewapend metselwerk, één voor ontwerp en berekening van constructies t.b.v. brandveiligheid, één voor de materialen en een deel met (versimpelde) berekeningsmethodes. Voor de gebruikstoestand zijn in Code 6 geen regels opgenomen, zo gaf hij aan. Een belangrijk verschil met de oude normen: “In Nederland hebben we altijd naar het gebouw gekeken en niet zo zeer naar het volgen van specifieke productnormen voor materialen”, lichtte de heer Van der Pluijm toe.

"De Eurocode 6 is de enige Euro-code op basis van berekeningen van eigenschappen die aan producten kunnen worden toegekend", vertelde Van der Pluijm. Het deel over de materialen is uitgebreid en gaat over stenen, mortels, wapening en hulpstukken. Het gaat om een hele reeks aspecten: samenstelling, metseleigenschappen, druksterkte (zowel op druk belast metselwerk, als op druk en loodrecht op het vlak belast), schuif- en buigtreksterkte, vervorminggedrag, stijfheid, maar ook: hechtsterkte van de wapening, duurzaamheid en krachtverdeling (stabiliteit). Ook zijn gegevens opgenomen voor bv. detaillering, spouwankers en bezwijkcriteria. De heer Van der Pluijm signaleerde dat de duurzaamheidsaspecten in de Eurocode 6 veelal nog weinig concreet zijn, met uitzondering van die voor het aspect wapening.

In het algemeen is er veel tekst, méér dan de oude voorschriften, concludeerde Van der Pluijm. Op het punt van belasting is héél veel tekst opgenomen. Hij signaleerde dat de tekst nog niet overal éénduidig is en dat veelal alleen gemiddelde sterktes worden gegeven. De Eurocode 6 voldoet geheel aan de huidige Nederlandse normen voor constructies, stelde hij.

Ontwikkelingen duurzaam bouwen
Msc. C.J.G. Hamans, hoofd-ingenieur Regulations, Codes and Standards van Rockwool International AS belichtte ontwikkelingen rond duurzaam bouwen. Hij gaf aan dat duurzaamheid in Europa een wijds begrip is, dat ook politiek erg in de mode is en waarbinnen ieder, als het uitkomt, op punten zijn eigen belangen kan profileren. Wat in Nederland als duurzaam geldt, is dat soms in een andere lidstaat helemaal niet. Bij duurzaamheid gaat het over politieke keuzes in de samenhang van drie dimensies: sociaal, milieu en economie, gaf Hamans aan. "In Nederland willen we graag goede regels, een pakket waar ieder mee kan werken". Belangrijk noemde hij daarom het vastleggen van Europese indicatoren en voorzichtig zijn met de weging daarvan. "Het kan een hele industrie zijn product ontnemen. Alles draait er daarbij om: "welke indicatoren en hoe breng ik ze over in normen". De levenscyclus van het gebouw moet leading zijn voor het bepalen van de normen voor producten en processen, vond hij. "De prestatie is niet steen naast steen (productvergelijking), maar de steen als prestatie-deel van het gebouw. Hoe meer informatie je als fabrikant over je product geeft (- product, productieproces, transport, bouwproces, gebruiksfase, renovatie, sloop en recycling -), hoe beter het is, ook voor je positionering".

De heer Hamans zag hier bespreekpunten voor de Stichting. "Een hele dimensie komt op ons af, in 2010 moeten de normen afgeleverd zijn. Als industrie moeten we daarom nú opletten dat we indicatoren krijgen waarmee we wat kunnen. Dat ontbreekt nu geheel". Hij riep op nu te beginnen met het vullen van de eigen database: inventarisatie van data in het eigen productie-proces en de gegevens goed te structureren via data-management en procedures. De heer Hamans beklemtoonde daarbij het belang van voorzichtigheid bij het afgeven van data. Hij adviseerde tot eind 2009 te wachten met het inschakelen van LCA-deskundigen en verificatoren. Zijn advies was niet in te gaan op allerlei initiatieven, labels en bepalingsmethoden. "Laat je nu niet gek maken door de marktdruk of de overheid".

Buigproef in laboratorium
IndustriedagIndustriedagNa afloop van de inleidingen in het Auditorium van de universiteit werd een bezoek gebracht aan het Pieter van Musschenbroek laboratorium. Daar werd een met digitale informatie begeleide buigproef gedemonstreerd. Door de bezoekers werd tot slot geïnteresseerd rondgekeken in de grote studiepraktijkhal, met zijn talloze proefopstellingen en proefstukken van metselwerk, wand- en vloerverbindingen etc. Temidden van deze constructies werd de interessante middag van de Stichting Stapelbouw afgesloten met een drankje en een hapje.

Download hier de individuele presentaties van diverse sprekers tijdens de Industriedag (op PDF).